Er zijn 2 vrouwen in mijn leven waarvan ik gehouden heb en hou. Buiten mijn moeder om natuurlijk. Een van de 2 ben ik mee getrouwd geweest en de ander laat zich raden. Wat een armoe hoor ik u denken. Uiteraard vaak zat verliefd maar zo wordt een en ander wel lekker overzichtelijk. Mijn eerste houden van liefde heet Sandra Coenen. Ik heb haar leren kennen op een trainingskamp van mijn voetbalelftal. Nee, niet F.C. Bal op het dak, maar het respectabele P.S.V. Poortugaal. Nu staat de afkorting P.S.V. voor Poortugaalse Sport Vereniging. Dus waarom er dan nog een keer Poortugaal achter moest komen in mij een raadsel, maar dit terzijde.

Een vriendenteam en eigenlijk waren er een stuk of 6 die een bal naar de juiste kleur konden spelen en de rest deed maar wat. Dit mocht de pret niet drukken en in de derde helft werd uitvoerig onder de douche besproken hoe we de volgende keer de looplijnen aan moesten trekken. Het in de zone verdedigen moesten perfectioneren en dat een 1-1-9-1 systeem niet helemaal uit de voeten komt. De korfbal uitslagen ten spijt waren we allen van mening dat het vreemd was dat ons voetbalspel niet begrepen werd.

Dit leidde ertoe dat wij minimaal 2 keer per jaar op trainingskamp moesten. Tot groot ongenoegen van diverse vrouwen maar dit sloegen wij achteloos in de wind. Alles moest wijken voor het grotere doel. Wat dat überhaupt was is nog steeds onduidelijk.

We sliepen op de campus van een of andere kok school net buiten het centrum. Tipje van een oud student genaamd Dennis Oemar Said die hier een ei heeft leren bakken. Er was zelfs contact geweest met voetbalvereniging Jekerdal alwaar wij, tijdens ons 3 daags verblijf zouden trainen en een oefenwedstrijd zouden spelen.

Dus wij op trainingskamp / ontwikkelingshulp naar Maastricht. Besloten was om eerst een team-evaluatie te houden in de Oude Vogelstruijs alvorens te gaan trainen. Laten we het erop houden dat de intenties aanwezig waren. Na uitvoerig 3 minuten diverse spelsystemen de revue lieten passeren werd er besloten dat wij beter in de derde helft kunnen schitteren.

Drie uur later liepen wij als een setje op hol geslagen primaten door de straten van Maastricht.

Op een gegeven moment belanden we in een kroegje de Twee Heeren in de Platielstraat. Daar zat ze aan de bar. Hautain, om zich heen kijkend met de barkruk als haar troon. Ai, ik was getriggerd. En uit het handboek versieren voor beginners is het altijd een “goed idee” om via de

vriendin het contact te leggen. Tja Utscha, inmiddels de vrouw van mijn neefje, heette ze (overigens nog steeds). Nu waren ze een bruin-achtige substantie aan het drinken. “Spezi (combinatie Cola en Fanta), wat kinderachtig”: begon ik vrolijk. “Of ik het wel begreep”: kirde Utscha. “Dit is Sjoes. Combinatie van pils en oud bruin” “Huh, waarom zou je dat drinken dan” begon ik voorzichtig..

Ondertussen keek Sandra misprijzend naar ons met een blik van stomme Hollanders. En ging verder met flirten met de eigenaar van Twee Heeren. En terwijl Utscha zich omdraaide zei haar rug tegen me: ”Hier krijg je dikke tieten van”. Ja deze kon ik niet laten liggen. Heel de bar vol laten zetten met Sjoes met de mededeling dan zul je dit wel nodig hebben en toen de boel compleet negerend. San vond het blijkbaar erg grappig want 10 minuten later werd ik onder een Gestapo verhoor onderworpen. De rest is verleden tijd, we zijn verhuisd naar de eerste plaats tussen Sittard en Rotterdam waar met een zachte G gesproken wordt, getrouwd en we waren op onze manier compleet gelukkig. Ik had diverse horecabedrijven en San was een eigen zaak begonnen in Breda genaamd het Knipcafé (*)

(*) ‘t Knipcafé is inmiddels uitgegroeid tot een van de toonaangevende kapsalons in Breda en is gevestigd op de Ginnekenweg 90C. Moet u zeker eens langs gaan.

Zoals ieder setje gingen we natuurlijk ook vakantie. Gelaten liet San zich meevoeren naar de zoveelste wijngaard alwaar ze weer een verhaal kreeg voorgeschoteld over grondsoorten, druiven, lagering en andere wist je datjes. Op een zomer gingen we naar Sardinië.

En tot de “grote” vreugde van San had ik Lou, de wijnleverancier, gebeld of er geen wijngaard te bezichtigen viel. Tuurlijk, Vigneti Zanatta.

Wat of wie is Zanatta eigenlijk ? Bruno Zanatta begon zijn carrière als wijnmaker in 1975 in de Veneto regio (Treviso). Zijn passie voor Sardinië leidde hem ertoe een grondige kennis van de Sardeense bodem en klimatologische omstandigheden eigen te maken. In 2003 werd een domein van meer dan 100 ha in de befaamde Gallura zone aangeschaft. Samen met zijn zoon Marco startte hij er een gloednieuw wijnbedrijf en ondanks de prille leeftijd van hun project behoren ze nu al tot de absolute top van de streek.

Toen we aankwamen begon Bruno vol enthousiast over het klimaat, de ondergrond en de vinificatie (**). Links van mij zag San enigszins uit faseren en ietwat verveeld kijken naar de wijnmakerij. Opeens voelde ik haar aandacht terugkeren. Huh, verdwaasd keek ik om me heen. Ah, Bruno’s zoon en mede wijnmaker Marco kwam aangelopen. Mooie man moest ik eerlijk bekennen maar om hier nu volledig op te focussen. Ik besloot maar gelijk dat ingrijpen noodzakelijk was en vroeg schijnheilig en met een katholiek gezicht of we ook wat mochten proeven. Ervaring had me geleerd dat San dan de volledige aandacht weer terug had.

We begonnen met de een Vermentino. Nergens anders bereikt Vermentino dezelfde aromatische weelderigheid als in Sardinië. Het verleent hem zijn typisch aroma van bloemen en kruiden wat hem er in blinddegustaties direct doet uitspringen. De wijn heeft een mooie strogele kleur met lichtgroene nuances. Heerlijk evenwichtig mondgevoel. In de smaak blijven we dingen ontdekken, fris en romig tegelijk. De afdronk is zalig lang zonder bombastisch te zijn en laat ons achter met een ongekend zomergevoel!

Hier kon Bruno niet tegenop ! Wat een glas. Het leven is mooi.

(**) Als wijnman moet ik het toch even kwijt, laat San lekker;

De Gallura wordt gekenmerkt door de typerende granieten rotsen en de erg arme bijhorende zanderige bodem, ideaal voor het produceren van Vermentino en Cannonau. Samen met het droge, warme klimaat verschaft het de wijnen hun uniek en typerend karakter. Letterlijk vertaald betekent Gallura: hoger gelegen gebied. Het bevindt zich in het noord/noord-oosten van Sardinië. De vinificatie van de Vermentino heeft een inweking bij een lage temperatuur. Hierna volgt statisch koud decanteren van de most en gisten bij een gecontroleerde temperatuur. Dan laat men de most met fijnkorrelige sedimenten gedurende 2 maanden rijpen  in roestvrij stalen tanks.